Waar en hoe Cyclamen te planten
??
Plant ongeveer 10 cm diep en 10 tot 15 cm uit elkaar;
Hederifolium 20 cm uit elkaar. Het beste is te planten in humeuze zandgrond
of löss die na een regenbui snel opdroogt. Hebt u die niet, werk dan wat
steenslag of grit door de aarde tot een diepte van 20 cm of zet de cyclamen
in een met 10 cm verhoogd bed.
In de rotstuin staan ze perfect en ook onder bomen, aan
de voet van een bladverliezende heester, een heg of een muurtje. Hebt u een
kiezelpad? Zet wat cyclamen in een hoek of aan de rand waar u niet zo veel
loopt.
Zet ze in ieder geval op een plaats waar u nooit meer
gaat spitten. Werk voor het planten flink wat
potgrond en wat kalk door de grond, wat beendermeel of wat aardbeienmest
(7-14-28). Wilt u later bijmesten, geef dan zo min mogelijk stikstof, anders
krijgt u veel blad en weinig bloem !!
Behalve Purpurascens sterft in de zomer het blad af. U
ziet dan niets meer. Geef wat mest en eventueel wat potgrond. De knol moet
(anders dan bij kamercyclamen) altijd volledig onder de grond blijven. Geef
geen extra water tijdens de zomerrust. Temperatuursverlaging, kortere dag en
de herfstregens brengen uw cyclamen vanzelf weer tot leven.
Hederifolium komt het eerst: eind augustus of in
september. Eerst komen de bloemen, later ook het blad. Coum komt het eerst
met blad; later verschijnen de bloemen. Zo ook bij de andere soorten. Tot in
mei zijn cyclamen met hun blad prachtige bodembedekkers. Dat blad maakt hen
in de winter bij langdurige vrieswind overigens kwetsbaar. De grond is dan
een blok ijs. De wortels kunnen geen vocht meer opnemen terwijl de
verdamping extra hard kan gaan. Bescherm het blad dan met een afdekking van
dennentakken of wat anders.